Elektronisch mentoraat

Auteur(s): 
drs. P.M. Delea, Studiebegeleider, Faculteit Natuurwetenschappen, Open Universiteit
Samenvatting: 

Afstandsonderwijs in de vorm zoals dat door de Open Universiteit (OU) wordt aangeboden, heeft sinds de oprichting van de OU in 1984 geleid tot het ontwikkelen van een groot aantal leermiddelen op het gebied van computer ondersteund onderwijs (COO). Studenten gebruiken deze leermiddelen, evenals een aantal andere voorzieningen, voornamelijk in een van de achttien studiecentra. Steeds meer studenten beschikken tegenwoordig over apparatuur die hen in staat stellen COO-materiaal thuis te gebruiken. Het ligt voor de hand om ook andere voorzieningen die studiecentrumgebonden zijn, tevens thuis aan te bieden. In dat kader zijn en worden experimenten uitgevoerd met betrekking tot het via internet begeleiden en aanleveren van cursussen.
Het gebruik van informatie- en communicatietechnologie (ICT) bij de begeleiding van studenten heeft lang in de schaduw gestaan van de ontwikkeling van cursusgebonden leermiddelen. Dankzij de beslissing met ingang van het studiejaar 1997 -1998 het bestaande palet van begeleidingsvoorzieningen voor studenten uit te breiden met een cursusonafhankelijk structureel mentoraat, is het toepassen van ICT daarbij in het volle licht geplaatst.
Het experiment elektronisch mentoraat is opgezet met het doel ervaring op te doen en gegevens te verzamelen ter voorbereiding van een OU-brede invoering. Ruim honderd Nederlandse en Vlaamse studenten, bijgestaan door vijftien mentoren hebben gedurende de periode oktober 1995 - december 1996 deelgenomen aan het experiment. Studenten en mentoren waren afkomstig uit vier faculteiten: Cultuurwetenschappen, Natuurwetenschappen, Rechtswetenschappen en Technische wetenschappen (informatica). In de lezing zal worden ingegaan op de resultaten wat betreft de functies van het elektronisch mentoraat: informatievoorziening, studievoortgangsbewaking, stimulering contact met medestudenten, inhoudelijke begeleiding en ontwikkeling van studievaardigheden. Tevens zal aandacht besteed worden aan de gedachtenvorming over de taken van een (elektronische) mentor. De mogelijkheden voor het aanleren van sociale en communicatieve vaardigheden zijn ook onderzocht. De resultaten van de deelnemers op dit punt zijn nogal wisselend, maar er is meer inzicht verkregen over de methodiek en voorwaarden bij het aanleren, respectievelijk verder ontwikkelen van deze vaardigheden als deel van de academische vaardigheden. Tot slot zal een overzicht worden gegeven van de invoeringstrajecten van het elektronisch mentoraat die thans zijn uitgezet door de verschillende faculteiten.

Doelgroep: